Via een zoekmachine hier terecht gekomen druk dan op bovenstande link voor de gehele site.

 

Download hier deze pagina in pdf formaat

downloaded times

 

 

 

 

 

 

Het afstellen van de ontsteking.

mbt. Moto guzzi V7 Special.
     

BOUGIES 

Controleer de bougie de afstand van de elektrodes. Deze moet 0,6 mm zijn. Controleer ook de kabels en vervang deze indien nodig. De bougies kunnen het beste schoongemaakt worden met wat benzine en een staalborstel voor het binnenste gedeelte. Draai de bougies eerst een paar slagen met de hand terug in de cilinderkop en dan pas vast draaien met de bougie sleutel. Draai ze niet te vast anders beschadig je de schroefdraad in de cilinderkop.


 

 

 

 

 

 

Fig.1.

CONTACTPUNTEN  

Elke 3000 km. moet het viltje van de nok as worden gesmeerd met een paar druppels olie en de conditie van de contactpunten worden gecontroleerd.(zie fig. 2).Als ze vuil of vettig zijn kun je ze reinigen met een in benzine gedrenkte doek. Controleer met een voelermaat of de afstand tussen de contactpunten juist is. Deze moet tussen 0,42 tot 0,48 mm zijn. Indien ze aangepast moet worden, schroef dan B los van de vaste kant van de contactpunten en stel de contactpunten op de juiste afstand af.

 

 

 

 

 

 

 

Fig.2.


 

 

STATISCHE CONTROLE VAN DE ONTSTEKING

Fig 3

 

 

 

 

 

 

 

Fig.3.

Controleer of de contactpunten een speling van 0.42-0.48 mm hebben. Zorg ervoor dat de linker cilinder (2) in haar compressieslag staat dat wil zeggen met beide kleppen gesloten. Draai de krukas tot merkteken <<E >> tegenover pijl <<A >> staat. (zie fig. 1). In deze positie moeten de contactpunten beginnen te openen en zal het aangesloten lampje gaan branden. Indien het lampje in deze stand niet gaat branden betekend dat de ontstekingtoren in de juiste stand moet worden gezet. (de contactpunten beginnen dan namelijk te openen voor of na het genoemde punt). Draai hiervoor de bout los aan de voet van de ontstekingtoren los. (zie C fig. 1). Verdraai dan de ontstekingtoren langzaam naar rechts of naar links tot het lampje gaat branden.

 

CONTROLE VAN DE ONTSTEKING DMV EEN STROBOSCOOPLAMP.

 

Voor het controleren van de ontsteking is de krukas poelie van de V-7 motoren voorzien van 3 extra timing merktekens. Deze merktekens dienen om te bepalen of de ontsteking goed is getimed. De merktekens op de poelie zijn als volgt gedefinieerd (zie fig. 1): 

<<B>> (eerst op de links) is de BDP- merkteken van de 2e cilinder

<<C>> is de 10 ˚ voorontsteking t.o.v. BDP.

<<D>> in de 30 ˚ automatische voorontsteking t.o.v. BDP.

<<E>> is de 38 ˚ maximale voorontsteking t.o.v. BDP.

 

De controle is als volgt:  

Sluit de stroboscooplamp aan op de cilinder 2. Sluit de 2 stroboscoop kabels met klemmen aan op de accu, zodat klem (+) is bevestigd aan accu pool (+) en de andere pool (-). Na dat deze verbindingen met de plug en de accu zijn gemaakt, start je de motor en richt het stroboscoop licht op pijl <<A>> op het distributiedeksel. Tip: maak de markeringen met bv. witte verf duidelijker zichtbaar.

Controleer of pijl << A>> samenvalt met de markeringen van de krukaspoelie.

Op de volgende toerentallen: 

- Markering <<C>> op1200 ± 100 tpm

- Markering <<D>> bij 2200 ± 100 tpm

- Markering <<E>> bij 3600 ± 100 tpm

 

Indien bij deze controle blijkt dat de pijl <<A>> in lijn staat met de merktekens <<C>>op de poelie en de <<D en E>> op het hierboven vermelde toerentallen, dan zijn de vaste en automatische voorontstekingen juist. Zoniet dan zul je met draaiende motor de ontstekingtoren moeten bijstellen.

     
     

 

 

Alle informatie die op deze site staat, is voor iedereen vrij te gebuiken, te kopiëren of wat dan ook, zolang hier geen commercieel doel mee nagestreefd wordt.

De informatie op deze site is puur ter lering. Acties die je onderneemt naar aanleiding van de info die je op deze site vindt, zijn geheel voor je eigen verantwoordelijkheid.

www.guzziproject.nl